mrt 14, 2019

Thema 3: Reizen door de tijd


Thema 3 van het poweratelier is Reizen door de tijd.

Doelen Reizen door de tijd 

 

Het volgende project voor het poweratelier voor groep 3-4-5 en 6-7-8 is: Reizen door de tijd.  

 
Inhoud van het project  
Het project gaat over de overgang van tijdvak naar tijdvak. In de vakateliers worden verschillende tijdvakken behandeld vanaf Prehistorie. In het poweratelier gaan we de eerste lessen de tijdlijn met de tien tijdvakken uitleggen en we zoomen in op de overgang van het tijdvak wereldoorlogen naar moderne tijd (het jaar 1959) voor 6-7-8. Voor 3-4-5 zoomen we in op ‘vroeger en nu’ de tijd van opa en oma. Hierin behandelen we de volgende onderwerpen: speelgoed, school, gebouwen/architectuur, geografie (6-7-8), opvoeding, techniek (machines, uitvindingen). Al deze informatie zullen we in een groot woordweb gaan verzamelen. De laatste les wordt dit in een krantenartikel verzameld, zodat we met de twee groepen een krant over 1959/vroeger maken.  

Het tweede gedeelte van de lessen mogen de leerlingen (in groepjes of individueel) een tijdvak, een persoon of een gebeurtenis uit de tien tijdvakken kiezen. Dit gekozen thema gaan ze onderzoeken vanuit dezelfde onderwerpen als 1959/vroeger.  

 

Doelen  
Leren leren  
Werkhouding (voor groep 3-4-5 & 6-7-8)  
 Ik geef aan wat ik wil leren en waaraan ik wil werken 

Ik zet me in voor taken die ik moet uitvoeren 

Ik zet door wanneer iets niet direct lukt 

 Ik houd mijn aandacht er goed bij als dat nodig is 

 Ik werk zelfstandig als dat nodig is 

 Ik zorg dat mijn werk er netjes en verzorgd uitziet 

 Ik vraag op tijd hulp als ik ergens zelf niet uit kom 

 Ik waardeer het leerproces ook als het resultaat tegenvalt  

Werken volgens een plan (6-7-8) 

 Ik formuleer leerdoelen voor mezelf 

 Ik verken een onderwerp voor ik ermee aan de slag ga 

 Ik weet welke stappen ik moet zetten en hoe ik deze moet uitvoeren 

 Ik zorg dat ik het belangrijkste af heb voor de tijd om is 

Ik houd me aan mijn planning en stel deze bij als dat nodig is 

 Ik kijk achteraf of mijn planning goed was en wat beter kan 

Manieren van leren (6-7-8) 
 Ik weet welke manieren van leren er zijn en welke manier mijn voorkeur heeft 

 Ik zet de meest geschikte manier van leren in 

 Ik verzamel geschikte informatie op verschillende manieren 

 Ik bewaar informatie om het later te kunnen gebruiken 

 Ik laat zien wat ik geleerd heb 

 Ik licht mijn antwoorden toe en laat zo zien dat ik het begrijp 

 Ik controleer of mijn leervraag voldoende beantwoord is